SPRINGDANCE STAGE

Hans van Manen, Meg Stuart en Philipp Gehmacher op één festivaldag, dit moet Nederland zijn.



Anders dan in Nederland, houden in Vlaanderen ballet en hedendaagse dans elkaar van op veilige afstand in het oog. Het feit dat ze onder een apart subsidiesysteem vallen, waar verschillende eisen en (financiële) normen gelden, waar de één zich wel eens te kort gedaan voelt door de ander, is daar niet vreemd aan.

Het was dus erg verfrissend om met de verzamelde collega’s van Corpus Kunstkritiek Nederland en Vlaanderen op de openingsdag van Springdance 2010 Meg Stuart samen met Philipp Gehmacher en Vladimir Miller naast Hans van Manen te kunnen zien. Twee iconen om de eigenheid van hun respectieve dansvorm uit te lichten, met de camera als bindmiddel. De Franse choreografe

Mathilde Monnier vormde de buffer. Net vanwege het inzetten van camera's en schermen in beide voorstellingen hadden wat mij betreft Meg Stuart&co en van Manen nòg dichter op elkaars vel mogen zitten, ’s avonds samen op de double bill, zeg maar.


Ons Vlaamse boegbeeld van ballet, éminence grise Jeanne Brabants zei me ooit dat ballet vooral moet streven naar helderheid in beweging voor een optimale communicatie met het publiek. Vanwaar de noodzaak van een perfect gedisciplineerd balletlichaam. Hans van Manen toont in Live
hoe helder ballet kan zijn. Hoe moeiteloos herkenbaar het universele balletvocabularium. Tegelijk doorprikt hij in deze bijzonder intelligent en goedgemaakte voorstelling de perfectionistische balletfaçade. Middels een cameraman/performer op het podium zoomt hij in op zijn ballerina, op haar welgeplaatste balletglimlach, op het gaatje in haar kous. Ze mag een Barbie zijn : van Manen haalt voor haar een bijzonder stoere Ken uit de kast met wie het heerlijk hervallen is in oude rolpatronen. Vervolgens accentueert hij haar iconische waarde door haar van het podium af tot buiten het gebouw te laten volgen door de camera, waar ze in een Hepburn sixties-jas een sixties-filmmag suggereren. Mooi hoe deze Live uit 1979 moeiteloos de tand des tijds doorstaan heeft.


Wat Live gemeen heeft met the fault lines (2010) is dus het gebruik van camera en geprojecteerde
beelden. Hier in the fault lines is dat niet die ene camera, maar een indrukwekkende batterij aan technologie bediend door een kunstenaar/technicus Vladimir Miller die in deze hedendaagse dansvoorstelling het voorhoedegevecht van lichamen, bewegingsmateriaal en techniek aanstuurt. Ook hij maakt net als bij van Manen integraal deel uit van de voorstelling. Het bewegingsmateriaal van Meg Stuart en Philipp Gehmacher is niet geënt op een herkenbaar dansidioom. Dat van Philip Gehmacher overheerst. Het zijne is een abjecte taal die nauw aansluit bij de tijdsgeest: anti-snel, anti-virtuoos, elke stap lijkt een reflectie over wat die wel mag voorstellen. The fault lines is onderzoeksgericht, rijk aan betekenislagen, voor mijn getrainde blik uiterst boeiend, maar bijwijlen ook hermetisch. Ik denk aan het kleurenspectrum dat de cameraman laat uiteenvallen op de lichamen die achter op het grote scherm geprojecteerd zijn en waarvan de noodzaak niet meteen te duiden is. Té hermetisch vonden enkele van mijn Corpus-collega’s die niet zo in dans thuis zijn. Is dat een probleem? We bedenken dat dit soort voorstelling misschien nood heeft aan een inleiding, kwestie van de lekentoeschouwer niet meteen kwijt te raken. Later op de week staat er wel een walk/talk performance van Gehmacher op het programma waarin hij zijn bewegingsmateriaal zal toelichten. Helaas, helaas ik ben dan alweer thuis. De lekentoeschouwer zal me een stap voor zijn.



Views: 11

Comment

You need to be a member of SPRINGDANCE STAGE to add comments!

Join SPRINGDANCE STAGE

© 2013   Created by Springdance.

Badges  |  Report an Issue  |  Terms of Service