SPRINGDANCE STAGE

EIM 2011 - 2012 (part 4: Vienna - March 2012)

From March 5th till March 12th Europe in Motion will be in Vienna during the imagetanz 2012 festival.

The participants of the dialogue sessions are:

from the Nederlands:  Fernando Belfiore and Setareh Fatehi Irani

form Austri: Katharina Aigner and Lise Lendais

from Istanbul: Bimeras Talin Buyukkurkciyan, Fatih Gençkal and Cemil Can Yusufoğlu

from the UK: Gary Clarke and Mary Kate Connolly


Performances from the following makers will be shown: Lea Martini & Rodrigo Sobarzo de Larraechea, Magdalena Chowaniec & Krõõt Juurak and Florentina Holzinger & Vincent Riebeek

 

EUROPE IN MOTION Wenen: of hoe ons leven gedicteerd wordt door het systeem dat geld heet

Door Ingrid van Frankenhuyzen (maart 2012)

EUROPE IN MOTION is het reizende, internationale talent-ontwikkelingsprogramma van Springdance voor jonge talentvolle Europese choreografen. Voor dit project werkt Springdance samen met steeds wisselende internationale partners. Het wordt gerealiseerd met subsidie van de Europese Commissie. De eerste editie van EUROPE IN MOTION vond plaats in 2008/2009, in samenwerking met Dance4 uit Nottingham (Groot-Brittannië) en Centrul National al Dansului CNDB uit Boekarest (Roemenië). De tweede editie, EIM 2011/2012, vindt plaats in samenwerking met wederom Dance4, en nieuwe partners iDans uit Istanbul (Turkije) en brutWien uit Wenen (Oostenrijk). Het programma bestaat uit een serie Dialogue sessies onder leiding van professionele mentoren waarbij de deelnemers in gesprek gaan met elkaar over hun artistieke werk, werkwijzen, inspiratiebronnen en valkuilen. Daarnaast tonen ze voorstellingen of work-in-progress voor publiek. In Wenen vond EIM deze keer plaats in een galerie. Negen deelnemers namen begin maart 2012 plaats aan een grote ronde tafel om hun beroepspraktijk onder de loep te nemen. Daarna presenteerden ze werk aan het publiek.


Hij zingt hard mee met Adele’s hit Someone like you. Niet onverdienstelijk schalt de stem van de altijd vrolijke performancekunstenaar Fernando Belfiore door de galerieruimte.  Hij stopt even met zingen en vraagt dan hardop aan het publiek hoe hij voorstellingen kan maken die dezelfde emotionele impact hebben als dit lied. Impact hebben op mensen, dat is wat hij in het theater wil. Fernando lijkt zich in de galerie met de betonnen vloer dan ook een beetje verloren te voelen. Niks zwevende vloeren waar je hard op kunt dansen.  Toch swingt hij mee op alle muziek die dansbaar is en die de laatste dag gebruikt wordt in de presentaties van de deelnemers.


De niet-theatrale galerieruimte alleen al zorgt voor een andere dynamiek dan de eerdere versies van Europe in Motion 2011/2012 in Nottingham (feb 2011), Utrecht (april 2011) en Istanbul (okt 2011). In Istanbul bijvoorbeeld vonden de uitwisselingssessies tussen de jonge Europese performancekunstenaars plaats in een dansstudio waardoor iedereen ’s ochtends als vanzelf begon met het opwarmen van spieren. In Wenen kiezen ze voor een iets andere aanpak: in de prachtige galerie staat een grote ronde tafel waaraan een vooraf bepaald onderzoeksthema wordt besproken: “hoe het financieel-economisch systeem, dat steeds vaker bepaald wordt door algoritmes, een blijvende invloed uitoefent op processen in het dagelijks leven”. Dat klinkt niet als lichte kost en dat was het ook zeker niet. Het idee was afkomstig van productiehuis brutWien en de Weense kunstenaar Gerald Nestler. Hij is naast de Britse choreograaf Jonathan Burrows een van de twee mentoren van de Dialogue sessies die vast onderdeel zijn van het Europe in Motion programma. Niet toevallig had Nestler in de galerieruimte een installatie die over de invloed van geld en het denken daarover ging. Nestlers fascinatie voor het thema dateert uit de jaren negentig toen hij drie jaar lang in Hamburg werkte als beurshandelaar. Met het thema geld konden de deelnemers wel overweg. De Britse choreograaf Gary Clarke vertelt meteen over zijn eerste kennismaking met de creditcard. Hoe hij geld bleef uitgeven en zich- hij was nog jong- pas later realiseerde dat het niet gratis was en dat de afrekening later volgde.  Hij werd meteen met een kleine schuld geconfronteerd.

Nestler haakt op het verhaal aan met een verhandeling over het systeem waar Clarke ‘slachtoffer’ van werd. Clarke is onderdeel van een algoritme waarin relaties tussen mensen en organisaties geëconomiseerd zijn.  Het hele idee van de vrije wil is onzin: alles wat we doen is onderdeel van een systeem/algoritme. Alles is wiskunde, geld gaat over het produceren van risico, risico maakt geld. Twee uur lang etaleert Nestler vervolgens al zijn kennis over denkers, geldsystemen, de sluwheid van hedgefonds, derivaten, wiskunde en opnieuw de algoritmen.  Kortom, hij vertelt over de invloed van geld op het dagelijks leven. en de idee dat wij als machteloze poppetjes aan de touwen van het ‘systeem’ dansen. Door het kapitalisme is een crisis onderdeel van het systeem, een voorspelbaar algoritmisch systeem.

 

Uitzicht op zee

Niet iedereen kan het abstracte academische betoog van Nestler volgen. Een van de deelnemers omschrijft het alsof hij de boekenkast heeft laten omvallen, zoveel filosofennamen komen voorbij. Maar terwijl de één ondertussen gaat Facebooken, pikt de andere deelnemer er behapbare thema’s uit. De Turkse choreografe Talin Buyukkurkciyan en de Ierse choreografe Mary Kate Connolly, vinden het begrip carrier hotel dat Nestler ter berde brengt interessant. Die term uit de IT-wereld staat oorspronkelijk voor een datacentrum waar allerlei  telecommunicatiebedrijven dataruimte huren en opslaan. Een soort verzamelgebouw voor informatie van verschillende bedrijven. Nestler vertelt er echter bij dat die carrier hotels  ook onzichtbare plekken zijn waar de mannen van het geld samenkomen om zaken te doen en dat die plekken van het ‘hotel’  zich dus steeds verplaatsen. Virtuele hotels. Dat triggert de verbeelding van Talin Buyukkurkciyan. De Turkse van Armeense origine is zwanger (net als overigens de Francaise Lise Lendais die in Wenen woont en werkt) en heeft een obsessie: zonder uitzicht op zee kan ze niet leven. In haar thuisstad Istanbul  is ze dan ook hard op zoek naar een betaalbaar huis/uitzicht voor haar en haar toekomstige baby. Met het begrip carrier hotel creëert ze een virtueel uitzicht aan zee. Tijdens de presentatie aan het eind van de tiendaagse uitwisseling, leest ze haar tekst daarover voor in de megafoon. Mary Kate Connolly verlangt, hoewel ze pas 28 is, terug naar vroeger. Haar visie op de huidige maatschappij en vooral de mondialisering, roept verzet op. Ze wil terug naar de tijd van daadwerkelijk fysieke herinneringen, ze wil de plekken van vroeger opeisen. De tijd dat we nog niet ‘in the cloud’  leefden. Voor haar presentatie heeft ze dan ook een gammele tent gebouwd, alsof ie gemaakt is door kinderen. Tegelijkertijd zegt ze dat het een knipoog is naar de tenten van de Occupy-beweging. De tent is voor wie wil het carrier hotel van Connolly.

 

Presentatie
Het woord presentatie is nu al een aantal keer gevallen. Halverwege de week wordt het echt een thema. Op het programma staat namelijk dat alle deelnemers aan het eind iets gaan presenteren. Hoewel mentor Jonathan Burrows blijft benadrukken dat het niet gaat om het tonen van af werk maar om het laten zien van work in progress, ontkomen de deelnemers niet aan de druk iets te moeten presteren. Er wordt lang over gesproken. Moeten ze gezamenlijk iets laten zien? Mogen ze individueel iets doen? En hoe gaan ze dat dan aanpakken? Burrows zegt dat ze zich pas eind van de week met de presentatie gaan bezighouden. Eerst laten deelnemers nog wat fragmenten zien uit eigen werk: de laptops tonen de video’s. Iedereen krijgt en vraagt feedback.

De Turkse choreograaf Cemil Can Yusufoğlu toont zijn korte video What I mean. Hij vertelde dat hij op zijn dansopleiding een opdracht had gekregen om iets te maken en in de laatste nacht voor de vertoning kwam hij met dit: Cemil Can staat solo in een ruimte en leest tekst van papier. In zijn theatraal essay gaat het over betekenis en citeert hij filosoof Roland Barthes over de dood van de schrijver. Zodra immers de lezer een tekst van de schrijver leest, is de schrijver ‘weg’. Inmiddels staat Cemil Can in zijn blote bast met borsthaar. Dat is zegt hij, de tekst terwijl hij klaar staat met een scheermes om het af te scheren. Hij doet het niet en begint hard te lachen. Hij heeft ook een video-interview gemaakt met vrienden die hun mening geven over de kloof tussen Turkse burgers en de regering c.q. machthebbers. Hoe zou in de ogen van zijn vrienden de ideale regering eruit zien? Het roept al snel een politieke discussie op.

Tijd voor de lunch. Zoals elke dag gaat de groep naar een van de eetgelegenheden op de markt.  Soms wordt er speciaal voor de groep gekookt maar elke dag is het overweldigend lekker.

 

Nach dem Fressen kommt die Philosophie
Jonathan Burrows houdt op een middag een verhandeling over David Hume en diens A treatise on human nature uit 1740. Het is een inspiratiebron voor zijn werk dat hij op dvd laat zien. Hij legt bijvoorbeeld uit dat zijn voorstelling The Cow Piece als een compositie opgebouwd is. Hoe alles aan elkaar gerelateerd is en Hume’s ontleding van de menselijke natuur gebaseerd is op gelijkenis, identiteit, ruimte en tijd, hoeveelheid en getallen, kwaliteit, tegenstrijdigheid, oorzaak en gevolg. Het wordt een aantal deelnemers wat te veel, het praten. In de open sfeer van de uitwisseling stellen de fysieke  ‘doeners’ Gary Clarke en Fernando Belfiore voor daadwerkelijk in beweging te komen. Clarke heeft namelijk van Gerald Nestler begrepen dat beurshandelaren een eigen gebarentaal hebben op de vloer. Hij heeft ‘s avonds in het hotel naar allerlei beursvloerfilms gekeken en gezien dat de gebaren die ze maken te ontcijferen zijn. Clarke wil wat met de codetaal doen en hij oefent op gebaren en woorden als de namen van maanden, hoeveelheden etcetera. En hij wil ook iets met zijn creditcard want het is hem nu wel duidelijk geworden dat we allemaal ‘nummers’ zijn. Als er 1 cijfer van je creditcard wordt veranderd heb je een andere identiteit. Ben je iemand anders. Clarke heeft bedacht dat hij de creditcardnummers als uitgangspunt neemt. Elk getal staat voor een beweging/gebaar. Hij heeft dus 10 gebaren. Het nummer van zijn tweede creditcard vertelt hem dan hoe vaak hij die beweging moet maken. Zijn tweede creditcard begint met nummer 6 en dat betekent dus dat hij 6 keer beweging nummer 3 moet maken (van zijn eerste creditcard). Hij wil tijdens de presentatie ook appels verkopen want het verhaal dat na de beurskrach van 1929 miljonairs straatarm werden en appelverkopers werden, raakt hem. Aan tafel gaat het gesprek dan ook wel: hoe vertel je dit verhaal aan het publiek?

 

Kun je er niet wat tekst in schrijven?
Katarina Aigner, een van de Oostenrijkse deelnemers stelt voor om de galerieruimte te veranderen. De grote ronde tafel wordt elders schuin op z’n kant gezet. Hoezeer verandert het de ruimte? Haar Oostenrijkse collega Lise Lendais is vooral een filmisch kunstenaar. Zij neemt korte clips op die zo lang duren als  de door haar meegebrachte lachzakken duren na het inknijpen. In 10 tot 20 seconden vraagt ze andere deelnemers de eveneens meegebrachte doeken, pruiken, clownsneuzen en andere props te gebruiken in een mini-sketch. Ze filmt alles en monteert de acts door en over elkaar heen. Het ziet eruit als een mysterieuze installatie. Wat doen die rare mensen met pruiken, die mensen die aan de muur hangen daar? Alsof ze van een andere planeet komen. Het is precies waarin Lendais geïnteresseerd is: waar begint fictie, waar de werkelijkheid? Ze opereert op de grens van beeldende kunst en theater, zegt ze. Dat maakt het in haar beroepspraktijk wel lastig. Als ze een project voorstelt bij een theater vinden ze haar niet ‘des theaters’, in een museumomgeving vinden ze haar ‘theatraal’. Het is haar overkomen dat een theater zei: als je er nou wat tekst in schrijft dan kunnen we wel subsidie aanvragen.  Haar beroepspraktijk is best lastig. Ze geniet van de vrijheid als ZZP’ende kunstenaar maar met een eveneens vrij werkende echtgenoot, een zoon van twee, de volgende op komst en ouders die in Frankrijk wonen, verlangt ze (“heel even”) soms naar een baan. Maar vooral: het winnen van een loterij. Geld is vrijheid en terwijl we de beste pizza ooit eten (Pizza Mari), is dit toch wel een uitgelezen gelegenheid om ervaringen met anderen te delen. Want ook dat is een nadeel van het kunstenaarschap: je werkt vaak alleen.

 

De week vordert. De deelnemers willen aan de slag met hun presentatie. Choreografe Setareh Fatehi Irani, de Iraanse die net is afgestudeerd aan de School voor Nieuwe Dans Ontwikkeling (SNDO) in Amsterdam, laat zich op haar eigen brutal wijze  inspireren. Zo formuleert ze het: brutal. Ze heeft een tekst geschreven en een collage gemaakt van bijvoorbeeld de financiële afspraken over en het honorarium voor deelname aan Europe in Motion. Hoe moet je als kunstenaar met geld omgaan? Uit tijdschriften knipt en plakt ze op een groot vel papier een mood board. Enigszins tegendraads om zich af te zetten tegen het systeem. Van de 700 euro die totaal beschikbaar is voor allerlei benodigdheden tijdens de presentatie, koopt ze fel gekleurd plakband en stiften. Tijdens de presentatie gaat ze op in haar collagewerk terwijl het publiek zich over haar en haar papier heen buigt. Met groot enthousiasme gaat ze mee in het maffia-spel dat de deelnemers tussendoor willen spelen na een praatsessie.

 

Nintendo
Fatih Gençkal, een van de drie Turkse choreografen, vond na een speurtocht door heel Wenen  een oude, goedkope versie van een Nintendo-voetbalspel. Hij projecteert het spel op de witte muur van de galerie en laat tijdens het werkproces zowel zijn collega Cemil Can als Fernando het spel naspelen. Dus als er een omhaal, een sprong, juichbewegingen et cetera te zien zijn, doen zij het live na. Met dito gejoel.  Hij is nieuwsgierig naar die dubbele werkelijkheid maar als je ziet hoe fanatiek hij het spel speelt, lijkt de lol van het spelen een belangrijk onderdeel van de presentatie.

 

Napraten
We zitten aan het ontbijt in hotel Fürstenhof, een kunstenaarshotel in Wenen. Een nieuwe generatie muzikanten met hanenkammen zit gemoedelijk naast een ouder echtpaar, de zoon van de eigenaar van het hotel heeft een hoop kunstenaars gefotografeerd en zijn werk  in de lounge en hal opgehangen. Mary Kate Connolly noemt het een authentiek plek, quirky maar wel zo’n ouderwetse plek om je thuis te voelen. De deelnemers praten na over de voorstellingen die ze in de loop van de week tijdens festival Imagetanz hebben gezien. Soms treden collega’s op met hun nieuwste voorstellingen. Florentina Holzinger  (Kein Applaus für Scheisse) en Rodrigo Sobarzo de Larraechea (Paramount Movement) bijvoorbeeld, van de SNDO in Amsterdam en oud-deelnemers aan Europe in Motion, tonen hun nieuwe werk. Er wordt druk over gediscussieerd. Was de open-en-blootheid van Florentina niet wat te heftig? Voor Jonathan Burrows, de mentor, bleek het iets teveel van het goede. Maar over de ‘cowboy-dans’-voorstelling met luchtkussens The Host van Andros Zins-Brown, waren ze het allen eens: prachtig.

 

Zenuwen
Dan wordt het zondag, de dag van de presentatie in de galerie. Geen natte sneeuw meer maar ook geen mooie voorjaarsdag. Ongeveer veertig toeschouwers, trouwe bezoekers van het festival, zijn al dan niet met hun kinderen komen kijken. Ze mogen veertig minuten lang rondlopen in het universum van de deelnemers. Gary Clarke staat op een klein podium met zijn creditcard-choreografie. Vanuit de keuken horen we de schreeuw van Cemil Can Yusufoğlu, schreeuwt vanuit de keuken: “Dass ist alles so eine verfickte Scheisse”. Hij spreekt geen Duits maar hij heeft een paar zinnen uit zijn hoofd geleerd. In de Weense metro  was hij getuige van een man die doordraaide, hard schreeuwde en telkens bleef roepen wat iedereen hier deed. Het maakte indruk op Cemil. Hij maakt er een act van. De twee zwangeren, Talin en Lise, dansen kort buik aan buik. Katarina Aigner heeft op haar laptop een virtueel boekje gemaakt dat ze Dark Pool noemt en kan gaan uitmonden in een filmscenario. Het thema geld komt erin terug maar het is tegelijkertijd een abstracte installatie met oude zwartwitfoto’s van een theaterpubliek, een muur, een lichtbundel. Fernando Belfiore gaat buiten voor het raam staan. Met zijn iPhone die binnen op luidsprekers is aangesloten praat hij met zijn kat. Dat wil zeggen een interactieve app. Als je de kat op het scherm op zijn buik aait, stribbelt ie tegen. Belfiore zegt dat ie om de eenzaamheid te bestrijden zo altijd gezelschap heeft. Om even later toch voluit mee te zingen met Adele. Het publiek hangt aan zijn lippen.

De galerieruimte maakt van de presentatie een ware happening. De theatrale acts zijn niet zozeer dansant maar interventies in een statische ruimte.  Met miniaturen van inventiviteit en statements over de wereld waarin ze leven.

 

De laatste editie van Europe in Motion 2011/2012 vindt plaats in Utrecht, tijdens het festival SPRINGDANCE (april 2012).


© 2013   Created by Springdance.

Badges  |  Report an Issue  |  Terms of Service